20 januari 2026
Overig
Fawning bij cliënten
Als paramedicus ben je ongetwijfeld bekend met patiënten die nét iets meer hun best doen tijdens een sessie. Misschien lachen ze snel als je hen aankijkt of passen ze hun tempo aan om jou te behagen. Dit gedrag kan voortkomen uit een beschermingsmechanisme van het autonome zenuwstelsel, bekend als fawning.

Fawning is anders dan regulier sociaal gedrag. Het is geen bewuste strategie, maar een instinctieve manier waarop het lichaam communiceert: ik ben ongevaarlijk, zie mij graag, laat mij erbij horen. Dit gedrag is niet fout, het is een intelligent overlevingsmechanisme van een lichaam dat veiligheid zoekt. Het zenuwstelsel heeft mogelijk geleerd dat het nemen van ruimte, eerlijk zijn, of ‘moeilijk’ doen risico's met zich meebrengt.
Herkenning en erkenning van fawning
Als paramedicus is het belangrijk om dit patroon te herkennen bij je patiënten, vooral in de gevoeligheid en stilte van een therapeutische setting. De eerste stap is het herkennen en erkennen van dit gedrag, zonder oordeel. Door liefdevol en geduldig te blijven, creëer je een omgeving waarin je patiënt zich veilig voelt en niet aardig hoeft te zijn om welkom te zijn.
Het herkennen van fawning kan ook een spiegel zijn voor je eigen gedrag als zorgprofessional. Ben je je bewust van je eigen neigingen om te pleasen? Hoe beïnvloedt dit jouw interactie met patiënten? Zelfreflectie kan een waardevol hulpmiddel zijn in het verbeteren van je eigen handelen en het bieden van een ruimte waarin patiënten zich echt gehoord en gezien voelen.
De rol van de nervus vagus
Een belangrijk aspect van het begrijpen en werken met fawning is de rol van de nervus vagus. Deze zenuw speelt een centrale rol in de regulatie van het autonome zenuwstelsel en kan invloed hebben op hoe patiënten reageren op stressvolle situaties. Het stimuleren en kalmeren van de nervus vagus kan helpen bij het verminderen van angst en het bevorderen van een gevoel van veiligheid.
In de cursus Nervus Vagus die Nikki Mensink en Danielle Bersma geven, wordt dieper ingegaan op de werking van de nervus vagus en hoe je deze kennis kunt toepassen in jouw praktijk als paramedicus. Door inzicht te krijgen in de fysiologische reacties van het lichaam, kun je beter inspelen op de behoeften van je patiënten en hen ondersteunen in hun herstelproces.
Praktische tips voor paramedici
Als paramedicus kun je verschillende strategieën toepassen om een veilige en ondersteunende omgeving te creëren voor je patiënten:
- Luister actief: stel open vragen en toon oprechte interesse in wat je patiënt voelt en beleeft.
- Bied geruststelling: zorg ervoor dat je patiënt weet dat hij of zij niet hoeft te presteren of aardig gevonden hoeft te worden om waardevol te zijn.
- Stimuleer zelfreflectie: moedig je patiënten aan om hun eigen gedragspatronen te herkennen en te erkennen, zonder oordeel.
- Werk met ademhalingstechnieken: ademhalingsoefeningen kunnen helpen om de nervus vagus te stimuleren en angst te verminderen.
Door deze technieken toe te passen, kun je een omgeving creëren waarin je patiënten zich veilig en gesteund voelen, wat relevant is voor hun genezingsproces.
Creëer een veilige omgeving voor betere resultaten
Het is begrijpelijk dat patiënten de neiging hebben om aardig gevonden te willen worden door hun therapeuten. Dit gedrag, vaak aangedreven door het autonome zenuwstelsel, is een zoektocht naar veiligheid. Als paramedicus heb je de mogelijkheid om deze dynamiek te herkennen en te beïnvloeden door een veilige en ondersteunende omgeving te creëren. Met kennis over de nervus vagus en het toepassen van empathische luistertechnieken, kun je een verschil maken in het leven van je patiënten.
Door deze subtiele gedragingen te begrijpen en hierop effectief te reageren, kun je niet alleen de therapeutische relatie versterken, maar ook bijdragen aan betere behandelresultaten. Wees bemoedigend en ondersteunend, en je zult merken dat je patiënten zich niet alleen fysiek, maar ook emotioneel beter voelen.




