Optimale bekkenzorg door register voor bekkenoefentherapeuten

Optimale bekkenzorg door register voor bekkenoefentherapeuten

Vanaf 2012 is het voor oefentherapeuten mogelijk zich te laten registreren als bekkenoefentherapeut (register VvOCM).Inmiddels staan er ongeveer 40 professionals geregistreerd in het register en momenteel is er een groep van vergelijkbare grootte bezig met deze specialisatie.

De wens voor een vakspecifiek register was er volgens Anja van den Hout, zelf bekkenoefentherapeut en voorzitter van het platform zwangeren en bekkenoefentherapie VvOCM, al eerder. “Vanuit de HBO Bacheloropleiding Oefentherapie krijg je niet genoeg basis mee om een echte specialist te worden op bekkengebied. Je kunt als oefentherapeut wel ongecompliceerde bekkenklachten behandelen, maar zodra de klachten complexer worden, er symptomen zijn van een bekkenbodemfunctiestoornis of de klachten niet verminderen, dan volstaat de behandeling niet meer. Bij de VvOCM waren we daarom al bezig met het opstellen van kwaliteitseisen, omdat we inzagen dat het belangrijk was om oefentherapeuten op een bepaald niveau te brengen en aansluitend de kwaliteit te kunnen borgen en controleren.”

Toename bekkenpatiënten
Zelf merkt Anja dat ze meer patiënten met bekkenklachten ziet dan een aantal jaren terug. “Hoewel de zorgverzekeringen minder vergoeden, merk ik toch dat steeds meer patiënten ons weten te vinden. Bekkenoefentherapie is direct toegankelijk en patiënten worden mondiger. Vroeger vond men dat bekkenproblemen bij een zwangerschap hoorden, nu zijn vrouwen zich ervan bewust dat er iets aan gedaan kan worden. De behandelmethodes zijn enorm vooruitgegaan en behandeling in een vroeg stadium is heel effectief.” Dit is volgens Anja een goede ontwikkeling, want hoe langer er wordt doorgelopen met bekkenklachten, hoe meer het bewegingspatroon en mogelijk de bekkenbodemfunctie verstoord raken, waardoor het steeds lastiger wordt om goed te bewegen en een goede houding te hebben.

Samenwerking bekkenoefentherapeut met bekkenfysiotherapeut
Bekkenoefentherapie richt zich primair op het pijnvrij bewegen. Het is een functionele training die zich voornamelijk richt op de behandeling van klachten op activiteiten- en participatieniveau. De behandeling van een bekkenoefentherapeut is dan ook contextgericht en gelinkt aan de dagelijkse bewegingen en handelingen. “Zodra de klachten niet overgaan of er een bekkenbodemfunctiestoornis vermoed wordt, is het zaak dat de bekkenoefentherapeut gebruik maakt van de expertise van de bekkenfysiotherapeut.Deze heeft namelijk meer expertise op het gebied van de bekkenbodem en is ook bevoegd om inwendig te werken waardoor de bekkenbodemfunctie met zekerheid bepaald kan worden. Dit gebeurt onder andere bij indicaties als (ontlasting) incontinentie, verzakking, schade door bevalling en bij mannen die een prostaatoperatie hebben ondergaan”, aldus Anja.

Nieuwe richtlijn ‘Bekkenklachten’
In de nieuwe richtlijn ‘Bekkenklachten’ die dit jaar uitgekomen is, wordt het werkgebied van zowel de bekkenoefentherapeut als de bekkenfysiotherapeut duidelijker afgebakend. Anja: “In de nieuwe richtlijn wordt een helder onderscheid gemaakt tussen bekkenklachten met of zonder functiestoornis. Doordat dit onderscheid zo duidelijk is, is het voor de behandelaar ook heel transparant wanneer het noodzakelijk is een patiënt toch door te verwijzen naar een bekkenoefentherapeut, die indien nodig een bekkenfysiotherapeut inschakelt. Door deze nieuwe richtlijn en het in het leven roepen van het register is niet alleen de kwaliteit van bekkenzorg geoptimaliseerd, maar heeft tevens de bekkenoefentherapeut een veel betekenisvollere plek gekregen in het werkveld.”

Bekkenoefentherapeut worden?
Bent u oefentherapeut en denkt u eraan om u te specialiseren in bekkentherapie? De VvOCM stelt een aantal eisen voor inschrijving in het bekkenoefentherapeutregister die u kunt vinden op de website VvOCM. Een van de eisen is het afronden van de cursus Zwangerschapsgerelateerde Bekkenpijn, Methode van Cecile Röst. Deze cursus is dit najaar te volgen bij Pro Education.