Terug naar de kern van het fysiotherapeutisch handelen

Terug naar de kern van het fysiotherapeutisch handelen

Per 1 januari 2015 is er een aantal wijzigingen doorgevoerd in het Centraal Kwaliteitsregister Fysiotherapie (CKR) waarin fysiotherapeuten zijn opgenomen die voldoen aan de door het KNGF gestelde kwaliteitseisen. De (her)registratie-eisen zijn vastgesteld door het Beleidsorgaan Centraal Kwaliteitsregister (BOCK). Sjoerd Olthof, ambtelijk secretaris van de accreditatiecommissie bij het KNGF en Bock-voorzitter Bruce van Haasen lichten de wijzigingen toe.

Als specialist in bewegen heeft de fysiotherapeut de laatste jaren een professionaliseringsslag doorgemaakt. Wetenschappelijk onderzoek toont nu onmiskenbaar de positieve effecten van de werking van fysiotherapie aan. De zorgvraag naar fysiotherapeutische expertise neemt toe en de fysiotherapeut speelt een belangrijke rol in de veranderende gezondheidszorg. Sinds januari 2014 is er dan ook een vernieuwd beroepsprofiel fysiotherapeut, dat past bij deze veranderende gezondheidszorg. Het vernieuwde profiel is gericht op drie fundamentele uitgangspunten, namelijk gezondheid, bewegen en hulpverlening.
 
De bijbehorende eisen die waren vastgelegd in het Centraal Kwaliteitsregister Fysiotherapie werden over het algemeen als vrij complex gezien en sloten ook niet meer aan op dit nieuwe beroepsprofiel. “Voor veel fysiotherapeuten was het onduidelijk hoe het kwaliteitsregister precies in elkaar zat. Ook vroegen zij zich af hoe het kon dat zij accreditatiepunten leken te verliezen. Hiernaast was er de wens om de vakinhoudelijke kennis nadrukkelijker te borgen. Zowel vanuit de fysiotherapeuten als vanuit het BOCK en het KNGF was er de vraag om meer in te zoomen op de vakinhoudelijke zaken dan op de randzaken. Daarom zijn er per 1 januari 2015 enkele wijzigingen doorgevoerd in het CKR”, vertelt Sjoerd Olthof.
 
Wat is er veranderd?
Sinds 1 januari 2015 bestaat het systeem voor deskundigheidsbevordering van het CKR nog maar uit twee in plaats van drie delen. Het basisdeel is komen te vervallen en alleen het vakinhoudelijk deel en het kwaliteitsdeel zijn overgebleven. Daarnaast wijzigen de volgende eisen:

  • De beroepsgerelateerde (scholings)activiteiten en de individuele deskundigheidsbevordering die bijdragen aan de kwaliteit van de uitoefening van het fysiotherapeutische vak vallen vanaf januari 2015 in het kwaliteitsdeel. Dat heeft als voordeel dat er meer punten behouden kunnen blijven voor deze onderdelen, omdat het kwaliteitsdeel geen maximum aantal te behalen punten heeft.
  • Accreditatieaanvragen voor scholingsactiviteiten die betrekking hebben op praktijkvoering of beleidsmatige deskundigheid worden niet langer gehonoreerd. Reeds verleende accreditaties op dit gebied zullen ook niet (automatisch) worden verlengd.
  • Aan beleidsmatige deskundigheidsbevordering die voorheen in het basisdeel viel, worden niet langer punten toegekend. U ontvangt bijvoorbeeld geen (extra) punten meer omdat u IOF-coach bent of voor het bijwonen van een RLV. 

Sjoerd Olthof vertelt hierover: “De scholingen die in het basisdeel vielen worden nu niet meer automatisch verlengd. Om voor verlenging in aanmerking te komen, moet deze scholing rechtstreeks bijdragen aan de kwaliteit van de fysiotherapeutische zorg. Randvoorwaardelijke zaken worden hierdoor uitgesloten van accreditatie. Zo is bijvoorbeeld een cursus BHV onvoldoende gericht op de vakinhoudelijke ontwikkeling van fysiotherapeuten. De totale cursus wordt dan ook niet meer aangemerkt voor accreditatiepunten. Specifieke onderdelen van een BHV-cursus – bijvoorbeeld een AED-training – die wel rechtstreeks bijdragen aan het onderhouden of verbeteren van de kwaliteit van de fysiotherapeutische zorg, worden daarentegen wel toegelaten.”
 
Opbouw per 1 januari
Het nieuwe systeem voor deskundigheidsbevordering van het CKR kent dus twee delen, het vakinhoudelijke en het kwaliteitsdeel. Onder het vakinhoudelijke deel vallen de geaccrediteerde vakinhoudelijke scholingen, gericht op de deel- en aantekeningenregisters, die bijdragen aan de kwaliteit van het fysiotherapeutisch handelen van de gespecialiseerde fysiotherapeut of algemeen fysiotherapeut. De minimumeis voor dit deel blijft 50 punten, net als in de oude registratieperiode.
Het kwaliteitsdeel heeft betrekking op activiteiten die voor alle fysiotherapeuten van toepassing kunnen zijn, ongeacht het deelregister waarin zij ingeschreven staan. De activiteiten dragen bij aan de kwaliteit van de fysiotherapeutische zorg. Het is niet verplicht voor dit onderdeel punten te behalen en er is geen maximum aan verbonden.
Het totaal te behalen punten in de 5-jarige registratieperiode verandert niet. Dit betekent dat er nog steeds 120 punten totaal behaald moeten worden voor 1 register, 160 voor 2 registers, 220 voor drie registers en 280 voor 4 registers
 
Terug naar de kern
Het CKR en de bijbehorende eisen vormen met ingang van de nieuwe vijfjarige registratieperiode een veel duidelijker en overzichtelijker geheel. “Met de hernieuwde eisen willen we terug naar de kern van het fysiotherapeutisch handelen. Daarin staat het beantwoorden van de zorgvraag van de patiënt centraal. Ook sluit het systeem beter aan bij de veranderingen in het nieuwe Beroepsprofiel van de fysiotherapeut. Ik ben ervan overtuigd dat we met de wijzigingen een stuk duidelijker maken wat de kwaliteitseisen zijn, zowel voor de fysiotherapeut zelf als voor de patiënt en de zorgverzekeraar”, aldus Bruce van Haasen.